Mannen en vrouwen

 

België heeft een “instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen”, een federale overheidsinstelling die in 2002 werd opgericht. Het Instituut wil de gelijkheid van vrouwen en mannen in de samenleving versterken, en beleidsmensen bijstaan om de gelijkheid in alle geledingen van de samenleving te waarborgen.

Men had even goed een instituut kunnen oprichten voor de afschaffing van de zwaartekracht. Mannen en vrouwen zijn vanzelfsprekend niet gelijk. Het elementaire gegeven van de verschillen tussen de geslachten is zo onweerlegbaar en onmisbaar in het leven aanwezig dat alleen een nietsontziende extremistische ideologie zich kan voornemen het feit te ontkennen. In het maoïstisch China werd elk onderscheid tussen mannen en vrouwen door het regime uitgewist, maar zodra enige vrijheid en persoonlijke ambities in het heroplevende land konden terugkeren, trad de gezonde verscheidenheid weer naar voor.

De verschillen tussen mannen en vrouwen zijn anatomisch, fysiologisch, psychologisch en sociaal van aard. Ze zijn ontstaan en gegroeid in de loop van een lange biologische evolutie waaruit de mensheid is voortgekomen. In historische tijden vond het onderscheid tussen de geslachten ook uitdrukkingen van culturele aard, soms gerelateerd aan de specifieke seksuele rol van elk, maar vaak ook verbonden aan gegroeide tradities, rituelen, etiquette en conventies. In al zijn vormen draagt het seksuele dimorfisme bij tot de diversiteit en de vitaliteit van de mensheid. Creatieve levenskrachten worden erdoor op contrasterende wijze verdeeld over twee elkaar aanvullende groepen. Deze complementariteit garandeert meer levenslust en dynamiek dan een geëgaliseerde, homogene samenleving kan bieden.

De verschillen tussen de geslachten zijn een objectief gegeven dat onmogelijk ontkend kan worden, ook niet onder dwang van een momentele, modieuze ideologie van absolute gelijkheid. Het is gevaarlijk wanneer een staatsinstelling zich dit toch als taak stelt.

De staat heeft macht. De staat is een instelling die gemachtigd is burgers het zwijgen op te leggen of te straffen en desnoods uit de samenleving te verwijderen. Alleen al om die reden mag de staat geen ideologie opleggen. Haar taak is het de vrijheid te garanderen waarin de burgers als mannen en vrouwen kunnen leven en zich kunnen ontplooien in de hoedanigheid die zij verkiezen met gelijke rechten voor iedereen, en zonder de dwang te moeten beantwoorden aan normen die door een machtsapparaat worden opgelegd.

Het diepgewortelde verschil tussen vrouwelijkheid en mannelijkheid impliceert bovendien dat een geslachtsneutrale gelijkvormigheid een illusie is. Als gelijkheid dwangmatig tot stand komt, zal het een vrouwelijke of een mannelijk gekleurde eenvormigheid zijn, maar geen neutrale. Een grijs geslacht bestaat niet. In de praktijk van vandaag bepaalt de oprukkende ideologie van gelijkheid dat iedereen zich dient te gedragen zoals mannen zich altijd gedragen hebben: stoer, eerzuchtig, assertief en productief. De maatschappij vermannelijkt. De meest waardevolle kwaliteiten van het menselijke leven dreigen op die manier uit de samenleving geweerd te worden.

Men kan het bestaan en de naam van het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen ook niet rechtvaardigen met de opmerking dat niet zozeer de gelijkheid van man en vrouw bedoeld wordt, maar de gelijkwaardigheid. Om te beginnen staat er ‘gelijkheid’ en niet ‘gelijkwaardigheid’ en woorden hebben hun betekenis. Ten tweede staat ook de gelijkwaardigheid van man en vrouw niet vast. Naar mijn mening is de waardigheid van de vrouw groter dan die van de man. Vrouwen staan dichter bij de realiteiten van het leven zoals geboorte, voeding, opvoeding en verzorging en zij vervullen in dat verband taken die waardevoller zijn dan de bezigheden waar mannen zich gewoonlijk aan overgeven. Sinds mensenheugenis wordt het principe gehuldigd dat in situaties van nood waar hulp geboden moet worden voorrang gegeven wordt aan vrouwen en kinderen. Deze respectabele traditie berust op het besef dat mannen en vrouwen niet gelijk zijn, en ook niet gelijkwaardig.

Gerard Bodifee

 

Dit artikel verscheen in het weekblad Tertio van 4 november 2015 (www.tertio.be)